Hij




Recht op ruimte, lang gedacht en groot gemeten.

Luid gelach en voeten.

Tussen deuren, tegen schenen, in je kruis.


Recht op de grootste bal gehakt,

triomf in een pan met jus.

Hard blaffen, grommen, borsthaar soms.


Recht je rug en loze woorden.

Neem de macht over een staat

of de goede kant van de prullenbak.


Recht door zee in vele namen

onmacht in een kwetsbaar vel

Tot aan de laatste graai geweken.


Recht van spreken en van schreeuwen

Huilend in een witte sok.

Onder bed, een nooit geboren kind.


Comments
* De e-mail zal niet worden gepubliceerd op de website.